Begin
Officieren
Aktueel
Projecten
Muziek
Algemeen
Peutervreugd
Foto's
1906-2006
Winkel
Links
Gastenboek
 
Come-INn  ViviFare LdH Radio DVD Rondom de Bijbel Contact
 
   

De geschiedenis van het Leger des Heils korps Vlaardingen

Lang voordat "Vlaardingen" officieel "korps" werd in 1906 zijn er al pogingen gedaan om in onze stad met het werk van het Leger des Heils te beginnen. De eerste maal in september 1890. Een zolder van een pakhuis in de Willem Beukelszoonstraat was tegen 4 gulden 50 per week!! Door het leger gehuurd. De openingssamenkomst werd geleid door kapitein de Jong van korps Schiedam, die het bevel over Vlaardingen in handen legde van kapiteine van Zwijndrecht en luitenante Lambrechts. De bijeenkomsten hadden een zeer rumoerig karakter, zo zelfs, dat het niet mogelijk bleek het korps te handhaven. In januari 1892 werd het opgeheven, maar bleef als buitenpost van korps Schiedam bestaan. 

In 1896 werd opnieuw een poging in het werk gesteld; in september opende het Leger des Heils een slumpost (barmhartigheidspost) in een gebouw aan de Westhavenplaats. Met de leiding werd Ensigne Bronkhorst belast. Hier werden ook regelmatig de samenkomsten gehouden. Maar weer bleek het niet mogelijk om in het conservatieve vissersplaatsje, dat Vlaardingen toen nog was, vaste voet aan de grond te krijgen. Ook dit werk moest na enige tijd weer worden beëindigd. 

Gods Raad en Bestuur zijn echter wonderbaar. In Vlaardingen was machinist Penninga van het beurtvaartschip "Senior" komen wonen. Hij was bekend met het Leger des Heils en stelde zijn huis in de landstraat beschikbaar voor het houden van samenkomsten. De envoys van der Horst en van der Most kwamen deze leiden vanuit korps Schiedam. Twee jaar lang, van 1900 tot 1902, werd in de tot zaaltje gebombardeerde keuken van broeder en zuster Penninga een moeizaam, maar heerlijk werk verricht. In de Baanstraat stond een oude kuiperij, waar het, volgens de volkmond, zwaar spookte! Dezw werd door het Leger in augustus 1902 in gebruik genomen. Inderdaad heeft het er in die jaren weleens "gespookt", want de samenkomsten hadden niet altijd een rustig verloop en meer dan eens vielen er rake klappen! Nog tot omstreeks 1920 vielen dergelijke onverkwikkelijke tonelen te zien! 

7 juni 1906 werd "Buitenpost Vlaardingen" verheven tot "Korps 72" van het Leger des Heils in Nederland, met kapiteine Vink en luitenante Taekema als bevelvoerend officieren. Spoedig stond het Leger bij de Vlaardingers in het middelpunt van de belangstelling, want beruchte dronkaards, oproerkraaiers en spotters werden grondig bekeerd. Ze werden toonbeelden van Gods genade. Het muziekkorpsje , dat opgericht was, bestond voor het grootste deel uit bekeerde dronkaards. Gedreven door hun eerste liefde, was geen opoffering voor deze heilssoldaten te groot om anderen tot Christus te leiden. Dit was de geest, die het kenmerk moet zijn geweest van de eerste Christengemeente. De toeloop van belangstellende werd dan ook steeds groter en de zaal, die inmiddels door het Hoofdkwartier was aangekocht, moest nodig vergroot worden. Daaraan werd in juni 1909 begonnen. Tijdens de verbouwing werd een toevluchtsoord betrokken aan de Gedempte Biersloot. 

In oktober van datzelfde jaar was de verbouwing gereed. Commandant en mevrouw Ridsel waren vanuit Amsterdam gekomen om de nieuwe zaal te openen, waaraan een mars vanaf het station voorafging. Duizenden mensen waren op de been, de stad was in rep en roer. De belangstelling was zo groot, dat velen geen plaatsje meer konden bemachtigen. Spoedig bleek, dat ook deze zaal voor het snel groeiende korps te klein was. Telkens moest voor bijzondere samenkomsten een grotere zaal worden gehuurd. Zo was men nu eens in zaal "Excelsior", dan weer in de zaal "Harmonie" of in gebouw "Liefde en vrede". In beide laatstgenoemde gebouwen werden ook de kerstbidstonden begonnen op 1e kerstdag. Deze samenkomsten begonnen 's morgens al om 6 uur en altijd weer was er een overweldigende belangstelling voor.

In 1927 werden door het Hoofdkwartier een paar naast het Legergebouw staande huisjes aangekocht, zodat nu aan de eisen voldaan kon worden. Na de verbouwing telde de grote zaal 350 zitplaatsen. Verder beschikte men over een flinke jeugdzaal, die tevens gebruikt werd voor onderlinge bijeenkomsten, een registratiekamer en een woning voor de bevelvoerend officieren. De samenkomsten mochten zich, vooral nu we een ruime zaal tot onze beschikking hadden, in een flinke belangstelling verheugen onder leiding van telkens weer wisselende officieren. Al was er nu geen ruimteprobleem meer, er kwamen toch andermaal moeilijk heden; de economische wereldcrisis was uitgebroken. 

De jaren tussen 1930 3n 1940 waren daardoor voor ons korps verre van gemakkelijk, omdat velen van onze heilssoldaten en bezoekers zonder werk kwamen en moesten zien rond te komen van het minimumbedrag, dat men wekelijks als ondersteuning kreeg uitgekeerd en dat varieerde van 11 tot 13 guldens. Anderen, die nog wel het geluk hadden aan het werk te blijven, moesten dit doen tegen een minimum loon. De inkomsten van collecten en patronen liepen dan ook drastisch terug, waardoor het salaris van de officieren vaak niet uitbetaald kon worden. Het was al jaren lang de gewoonte, de herinnering gaat zelfs terug tot omstreeks 1914: Omdagelijks, met de middagpauze, omstreeks half één, onderleiding van broeder Gog, sergeant, later ere sergeant-majoor, een korte bidstond te houden. Omstreeks 1914 was het een drietal, dat daarvoor regelmatig op de jongeliedenzaal bijeenkwam, namelijk broeders A.C. Gog, H. van Kapel en J. van Rij. 

Vooral in de crisisjaren was mede door de werkeloosheid de belangstelling hiervoor wel groter, maar toch waren er wel dagen, dat men slechts met 4 of 5 makkers tezamen was. Maar al was de opkomst niet zo groot, het was toch een goede gewoonte iedere dag de zaal open te stellen om ieder, die dat wilde, de gelegenheid te geven om te bidden. In 1939 werd de algemene mobilisatie afgekondigd in verband met de oorlogsdreiging. Daardoor kreeg het dagelijks leven weer een heel ander beeld. Op de bedrijven werden de opengevallen plaatsen, ontstaan door de velen, die opgeroepen waren voor de militaire dienst, ingenomen door hen, die werkeloos waren. In Mei 1940 brak de oorlog met Duitsland uit en ons land werd door de Duitsers bezet. Aanvankelijk liet men het Leger des Heils met rust, maar op 25 maart 1941 werd door de Duitse autoriteiten ontbonden. De zaal werd in beslag genomen. Het was voor de heilssoldaten een wrede ontgoocheling plotseling het dak te moeten missen, waaronder ze hun rijke geestelijke ervaringen hadden beleefd. Enige dagen later vernamen we, dat onze geestelijke arbeid kon worden voortgezet. Het dragen van het uniform bleef echter verboden. Aanvankelijk hielden we 's zondags bij verschillende makkers thuis samenkomsten en onze B.O. ging daar voor. Het werk werd onder de naam Geloofsgemeenschap voortgezet. 

We waren gelukkig dat op 1e paasdag onze samenkomsten gehouden konden worden in de zaal "Liefde en Vrede", ook voor enkele volgende weken. De zondagsschool van ongeveer 300 kinderen, mocht worden ondergebracht bij die van de Nederlands Hervormde Gemeente. In Mei 1941 werd ons gebouw weer vrijgegeven. Hoewel er vele moeilijkheden overwonnen moesten worden en een tal van onze muzikanten naar Duitsland werden gedeporteerd en daar te werk werden gesteld, konden we onze arbeid voortzetten en bleven onze samenkomsten goed bezocht. In de loop van 1942 begonnen onze zusters in de zaal weer hun kaphoed te dragen, zodat het platform met heilssoldaten in uniform weer het oude aanzien kreeg. De totale verduistering gedurende de wintermaanden kostte velen extra inspanning om naar de zondagavondsamenkomsten te komen. Ook was er vaak na 8 uur namelijk een uitgaansverbod, waardoor de aanvangstijd van de bijeenkomsten verzet moest worden naar 5 uur. Voor de B.O. was onder het platform een schuilplaats ingericht, zodat hij tijdens razzia's kon onderduiken. Toch werd ook hij opgeroepen voor "arbeidsinzet" en kon men onze adjudant in de polders rond Vlaardingen aantreffen met het verrichten van graaf werk. Gelukkig is het daarbij gebleven en kon hij ons 's zondags in de samenkomst blijven vóórgaan.

4 Mei 1945: 9.00 uur. De radio meldt:

CAPITULATIE VAN DE DUITSE LEGERS IN HET WESTEN INGAANDE 5 MEI OM 8.00 uur vanmiddag.

Zaterdag 5 mei gaan, na aanvankelijke aarzeling als gevolg van de Duitse terreurdaden, de vlaggen uit. In de Rijkestraat is het Legergebouw er het eerst mee getooid. 's Avonds een grote straatzang. Daar hadden we lang op gewacht. Zondag 6 mei 1945 speelt, om 8.00 uur ons muziekkorps koraal en nationale muziek op het dak van ons gebouw. Om 10.00 uur een grote dankdienst. De extra collecte voor Nederland Volksherstel bracht Fl. 281,- op. 's Middags openlucht-dankstond. Honderden scharen zich rondom de Heilssoldaten. Het Leger des Heils heeft de straten heroverd.
Zondag 17 juni 1945: de heiligingssamenkomst is een dankstond voor de repatriëring van onze makkers die in Duitsland te werk waren gesteld. Broeder M. Zandwijk: 4,5 jaar concentratiekamp. Uit dankbaarheid, dat niemand van ons door oorlogshandelingen om het leven is gekomen, wordt een zwart-marmeren plaat aangebracht, waarop, ter herdenking, met goudenletters staat gebeiteld:

1940-1945
HET ZIJN DE GOEDENTIERENHEDEN DES HEREN, DAT ZIJ NIET VERNIELD ZIJN. KLAAGLIEDEREN 3:22.
EEN DANKBARE HERINNERING AAN HET FEIT, DAT GEEN ONZER DOOR OORLOGSGEWELD OM HET LEVEN KWAM.

Tijdens het 40-jarig jubileum in 1946, werd een mooi gebrandschilderd gedenkraam aangeboden, als mede een zaalorgel. Door middel van spaarkaarten werd een jubileumfonds gevormd, waaruit dit alles bekostigd kon worden. In 1948 werd een bouwfonds gesticht, omdat inmiddels onze zaal wer nodig aan vernieuwing toe was. Alle korpsonderdelen werkten mee om het bedrag, nodig voor de verbouwing, bijeen te krijgen. Muziek- en zanguitvoeringen werden voor dit doel gegeven. "Bouwboekjes" werden uitgerijkt om onder vrienden en kennisen "balken", "stenen" en "spijkers" te verkopen. Een grote bazaar werd door vrienden van het Leger georganiseerd en reeds in het begin van 1949 was het geld voor de verbouwing bijeen. Wederom mochten we tijdens de werkzaamheden onze samenkomsten houden in het gebouw "Liefde en vrede" aan de gedempte Biersloot en in de Remonstrante Kerk aan de hoflaan.
Zaterdag 19 maart 1949 was de grote dag, waarop de heropening van de Legerzaal plaats vond door de Burgemeester van Vlaardingen, de Edelachtbare Heer J. Heusdens.

De officieren hebben inmiddels elders een woning kunnen betrekken, waardoor de jeugdzaal vergroot kon worden en de muzikanten een eigen kamer hebben met ruime kasten voor de instrumenten. Ook is er een spreekkamer voor de B.O. Een genot is, dat we geen kolenkachels meer hoeven te stoken. Daarvoor in de plaats zijn gaskachels gekomen. De banken zijn vervangen door stoelen. Juni 1956: ons 50-jarig jubileum. Zaterdag 2 juni is er 's avonds om 7.00 uur een mars door de stad, waarna om 8.00 uur een herdenkingsdienst gehouden wordt in de Grote Kerk onderleiding van Commandant en mevrouw E. Thykyear. Als jubileumgeschenk wordt een kostbare geluidsinstallatie aangeboden met 2 luidsprekers, die dienst moeten doen tijdens de openluchtsamenkomsten. Het geheel gemonteerd in een zogenoemde geluidswagen, waarin zich ook een pick-up bevindt. De vele belangstellende kunnen we nu gemakkelijk met ons stemgeluid bereiken.

De tijd schrijdt voort, het Vlaardingse Leger des Heils blijft de evangelie-boodschap verkondigen. Steeds weer komen jonge heilssoldaten de troepen versterken, het platform raakt overbezet met muzikanten en zangers.  Ons gebouw komt in het saneringsgebied te liggen. In 1961 op het stadhuis ontboden bij wethouder de Bruyn, wordt ons verteld dat we moeten uitzien naar een ander gebouw, omdat het huidige moet verdwijnen. In de jaren die hierna volgen, worden alle huizen rondom de zaal gesloopt en komt deze in een onhoudbare toestand te verkeren. Ons genbouw gaat aan alle kanten tekenen van verval vertonen. Grond wordt ons door het gemeentebestuur toegewezen aan de Gedempte Biersloot om daar de nieuwe zaal te doen bouwen. Plannen en tekeningen werden genaakt maar bleven onuitgevoerd als gevolg van enorme bouwkosten. Kerkgebouwen werden te koop aangeboden, maar om diverse redenen konden wij niet tot aankoop overgaan. Uiteindelijk konden we het gebouw van de Nederlandse Hervormde Gemeente, de Immanuëlkerk aan de sneeuwbalstraat kopen.

Vele herinneringen binden ons aan het gebouw Rijkestraat/Baanstraat. Velen van ons zijn daar tot bekering gekomen, opgedragen aan God en het Leger, ingezegend tot heilssoldaat. Velen van de oude makkers, die reeds bevorderd zijn tot Heerlijkheid, hebben daar de boodschap van het Evangelie uitgedragen. God geve, dat ook wij straks in onze toekomst met dezelfde bezieling zullen doorgaan, die zij hadden, die ons voorgingen.

 
 
 
© 2007 Leger des Heils  - Waterweg Centraal. Alle rechten voorbehouden                                                           [best visible 1024x768]